De afdeling toezicht van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) verricht doorlopend toezicht op de inzet van de hackbevoegdheid door de AIVD en de MIVD. Met deze bevoegdheid kunnen de diensten heimelijk zicht krijgen op informatie die is opgeslagen op computers, smartphones en soortgelijke apparaten en deze informatie overnemen.
De CTIVD voerde de afgelopen jaren met beide diensten doorlopend gesprekken over de inzet van de hackbevoegdheid. Op 15 oktober 2026 heeft de CTIVD de betrokken ministers, de kamers en de diensthoofden geïnformeerd over het toezicht en het periodiek rapporteren hierover.
De hackbevoegdheid is een bijzondere bevoegdheid en is geregeld in artikel 45 van de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten 2017 (Wiv 2017) en in de artikelen 4 en 5 van de Tijdelijke wet onderzoeken AIVD en MIVD naar landen met een offensief cyberprogramma, bulkdatasets en overige specifieke voorzieningen (Tw).
De diensten maken steeds vaker gebruik van deze bevoegdheid. Een toenemende inzet leidt tot een grotere potentiële inbreuk op de rechten van individuen. Voorzitter van de CTIVD, Hugo Hillenaar: “De hackbevoegdheid kan een grote inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer van personen. In deze tijd staan je meest vertrouwelijke privézaken op je telefoon of computer. Daarom vindt de CTIVD het van groot belang om doorlopend toezicht te houden op de inzet van deze bijzondere bevoegdheid.”
Het doorlopend toezicht omvat de inzet van de hackbevoegdheid op basis van de Wiv 2017 en de Tw. De onderzoeksvraag die centraal staat, is: 'Handelen de AIVD en de MIVD rechtmatig bij de inzet van de hackbevoegdheid?'
De eerste bevindingen van het doorlopend toezicht worden in 2027 gepubliceerd op de website van de CTIVD.